Vertaling van sparen
betreuren
ontzien
het jammer vinden van
bejammeren {ww.}
ik bejammer
jij bejammert
hij/zij/het bejammert
ik spaar
jij spaart
hij/zij/het spaart
» meer vervoegingen van sparen
zich laten vermurwen
toegeeflijk zijn voor
ontzien {ww.}
ik ontzie
jij ontziet
hij/zij/het ontziet
ik spaar
jij spaart
hij/zij/het spaart
» meer vervoegingen van sparen
besparen
uitzuinigen
uitwinnen
uitsparen
bezuinigen {ww.}
ik bespaar
jij bespaart
hij/zij/het bespaart
ik spaar
jij spaart
hij/zij/het spaart
» meer vervoegingen van sparen
besparen
uitsparen {ww.}
ik bespaar
jij bespaart
hij/zij/het bespaart
ik spaar
jij spaart
hij/zij/het spaart
» meer vervoegingen van sparen
ontzien {ww.}
ik ontzie
jij ontziet
hij/zij/het ontziet
ik spaar
jij spaart
hij/zij/het spaart
» meer vervoegingen van sparen
wegleggen
opzijleggen {ww.}
ik leg opzij
jij legt opzij
hij/zij/het legt opzij
ik spaar
jij spaart
hij/zij/het spaart
» meer vervoegingen van sparen
sparen
collectioneren {ww.}
ik collectioneer
jij collectioneert
hij/zij/het collectioneert
ik verzamel
jij verzamelt
hij/zij/het verzamelt
» meer vervoegingen van verzamelen
Voorbeelden in zinsverband
Zijn levensdoel is geld te sparen.
Zijn levensdoel is geld te sparen.
Ze sparen hun geld voor de aankoop van een huis.
Ze sparen hun geld voor de aankoop van een huis.
Je moet altijd een appeltje voor de dorst sparen.
Je moet altijd een appeltje voor de dorst sparen.
Helaas ging mijn reis naar Indonesië ging niet door, omdat ik niet genoeg geld kon sparen.
Helaas ging mijn reis naar Indonesië ging niet door, omdat ik niet genoeg geld kon sparen.
De onderworpenen sparen, maar hen die zich hardnekkig blijven verzetten vernietigen
De onderworpenen sparen, maar hen die zich hardnekkig blijven verzetten vernietigen