Vertaling van stropen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
stropen {ww.}
stropen {ww.}

ik stroop
jij stroopt
hij/zij/het stroopt

ik stroop
jij stroopt
hij/zij/het stroopt
» meer vervoegingen van stropen

stropen, plunderen {ww.}
stropen
plunderen {ww.}

ik plunder
jij plundert
hij/zij/het plundert

ik stroop
jij stroopt
hij/zij/het stroopt
» meer vervoegingen van stropen

stropen, villen, ontvellen {ww.}
stropen
villen
ontvellen {ww.}

ik ontvel
jij ontvelt
hij/zij/het ontvelt

ik stroop
jij stroopt
hij/zij/het stroopt
» meer vervoegingen van stropen

stropen, plunderen, roven, buitmaken {ww.}
stropen
plunderen
roven
buitmaken {ww.}

ik maak buit
jij maakt buit
hij/zij/het maakt buit

ik stroop
jij stroopt
hij/zij/het stroopt
» meer vervoegingen van stropen

stropen {ww.}
stropen {ww.}

ik stroop
jij stroopt
hij/zij/het stroopt

ik stroop
jij stroopt
hij/zij/het stroopt
» meer vervoegingen van stropen

stropen, afstropen, aftrekken, villen {ww.}
stropen
afstropen
aftrekken
villen {ww.}

ik stroop af
jij stroopt af
hij/zij/het stroopt af

ik stroop
jij stroopt
hij/zij/het stroopt
» meer vervoegingen van stropen

stropen {ww.}
stropen {ww.}

ik stroop
jij stroopt
hij/zij/het stroopt

ik stroop
jij stroopt
hij/zij/het stroopt
» meer vervoegingen van stropen

afhalen, stropen {ww.}
afhalen
stropen {ww.}

ik haal af
jij haalt af
hij/zij/het haalt af

ik haal af
jij haalt af
hij/zij/het haalt af
» meer vervoegingen van afhalen


Gerelateerd aan stropen

plunderen - villen - ontvellen - roven - buitmaken - afstropen - aftrekken - afhalenomvormen - ontvellen - jagen - stelen - ontdoen