Betekenis van:
brood

brood
Zelfstandig naamwoord
totale aantal jongen uit één nest
the young of an animal cared for at one time

Hyperoniemen

Hyponiemen

to brood
Werkwoord
bebroeden
sit on (eggs)

Synoniemen

Hyperoniemen

to brood
Werkwoord
piekeren over
think moodily or anxiously about something

Synoniemen

Hyperoniemen

to brood
Werkwoord
schaduwen
sit on (eggs)

Synoniemen

Hyperoniemen

to brood
Werkwoord
beramen
sit on (eggs)

Synoniemen

Hyperoniemen

to brood
Werkwoord
pruilen
hang over, as of something threatening, dark, or menacing

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to brood
Werkwoord
be in a huff; be silent or sullen

Synoniemen

Hyperoniemen

to brood
Werkwoord
(van vogels) op eieren zitten
sit on (eggs)

Synoniemen

Hyperoniemen

to brood
Werkwoord
dubben
think moodily or anxiously about something

Synoniemen

Hyperoniemen

to brood
Werkwoord
be in a huff and display one's displeasure

Synoniemen

Hyponiemen