Betekenis van:
repair

to repair
Werkwoord
  • een gelijke waarde geven voor
  • make amends for; pay compensation for
"One can never fully repair the suffering and losses of the Jews in the Third Reich"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to repair
Werkwoord
  • een visnet mazen
  • restore by replacing a part or putting together what is torn or broken
"She repaired her TV set"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to repair
Werkwoord
  • (een verstoorde verhouding) herstellen
  • restore by replacing a part or putting together what is torn or broken
"She repaired her TV set"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to repair
Werkwoord
  • weer in orde maken; rechtzetten; rechtop zetten
  • set straight or right
"repair an oversight"

Synoniemen

Hyperoniemen

to repair
Werkwoord
  • er bovenop komen; herstellen; repareren; wat stuk is repareren
  • restore by replacing a part or putting together what is torn or broken
"She repaired her TV set"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to repair
Werkwoord
  • (kleren, schoenen) repareren
  • restore by replacing a part or putting together what is torn or broken
"She repaired her TV set"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to repair
Werkwoord
  • sleutelen
  • restore by replacing a part or putting together what is torn or broken
"She repaired her TV set"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to repair
Werkwoord
    • move, travel, or proceed toward some place
    "He repaired to his cabin in the woods"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    to repair
    Werkwoord
    • reactiveren
    • give new life or energy to
    "This treatment repaired my health"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    to repair
    Werkwoord
    • schadeloosstellen, indemniseren
    • make amends for; pay compensation for
    "One can never fully repair the suffering and losses of the Jews in the Third Reich"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to repair
    Werkwoord
    • oplappen, opknappen, opkalefateren
    • restore by replacing a part or putting together what is torn or broken
    "She repaired her TV set"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to repair
    Werkwoord
    • opleven, herleven, herrijzen, opbloeien
    • give new life or energy to
    "This treatment repaired my health"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    to repair
    Werkwoord
    • verhelpen
    • set straight or right
    "repair an oversight"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    repair
    Zelfstandig naamwoord
    • het opnieuw instellen van iets
    • the act of putting something in working order again

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    repair
    Zelfstandig naamwoord
    • kroeg waar iemand vaak komt; kroeg waar iemand vaak komt
    • a frequently visited place

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    repair
    Zelfstandig naamwoord
    • het herstellen van storingen; reparatiewerk
    • the act of putting something in working order again

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    repair
    Zelfstandig naamwoord
      • a formal way of referring to the condition of something
      "the building was in good repair"

      Hyperoniemen

      repair
      Zelfstandig naamwoord
      • stopwerk
      • the act of putting something in working order again

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      repair
      Zelfstandig naamwoord
      • lapwerk
      • the act of putting something in working order again

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen