Vertaling van bit
I bit
you bit
he/she/it bit
ik beet
jij beet
hij/zij/het beet
» meer vervoegingen van bijten
I bit
you bit
he/she/it bit
ik sneed
jij sneed
hij/zij/het sneed
» meer vervoegingen van snijden
I bit
you bit
he/she/it bit
ik stak
jij stak
hij/zij/het stak
» meer vervoegingen van steken
I bit
you bit
he/she/it bit
ik stak
jij stak
hij/zij/het stak
» meer vervoegingen van steken
happen
I bit
you bit
he/she/it bit
ik beet
jij beet
hij/zij/het beet
» meer vervoegingen van bijten
I bit
you bit
he/she/it bit
ik beet door
jij beet door
hij/zij/het beet door
» meer vervoegingen van doorbijten
Voorbeelden in zinsverband
It's a bit greasy.
Het is een beetje vettig.
I'm a bit tired.
Ik ben een beetje moe.
I'm a bit confused.
Ik ben een beetje in de war.
They are not working even a bit.
Ze werken niet eens een beetje.
Turn up the radio a little bit.
Zet de radio een beetje harder.
Could you please speak a little bit more slowly?
Spreekt u alstublieft langzamer.
You've got a bit of a fever today, don't you?
Je hebt een klein beetje koorts vandaag, is het niet?
I don't want to lose my ideas, even though some of them are a bit extreme.
Ik wil mijn ideeën niet kwijtraken, zelfs als sommige ervan een beetje extreem zijn.
Yesterday I became a god, but found that a bit boring, so today I became a devil.
Gisteren werd ik een god, maar ik vond dat te vervelend, dus vandaag werd ik een duivel.
At night, I put my bell pepper plants at the open window, so they can harden off a bit before I plant them outside, cause now they still have such thin stems.
's Nachts zet ik mijn paprikaplantjes bij het open raam, zodat ze een beetje kunnen harden voor ik ze buiten poot, want ze hebben nu nog zulke dunne steeltjes.