Vertaling van judge

Inhoud:

Engels
Nederlands
to judge, to rule, to try, to adjudge, to adjudicate {ww.}
beoordelen 
berechten
oordelen
vonnissen

I judge
you judge
we judge

ik beoordeel
jij beoordeelt
wij beoordelen
» meer vervoegingen van beoordelen

to judge, to adjudicate {ww.}
beoordelen 

I judge
you judge
we judge

ik beoordeel
jij beoordeelt
wij beoordelen
» meer vervoegingen van beoordelen

judge {zn.}
rechter  [m]
richter [m]
You cannot buy that judge.
Deze rechter is niet omkoopbaar.
The judge sentenced him to one year's imprisonment.
De rechter legde hem een jaar gevangenisstraf op.
judge, critic {zn.}
beoordelaar [m]
to appraise, to estimate, to rate, to assay, to assess, to evaluate, to gauge, to judge, to value {ww.}
taxeren
begroten
schatten 
waarderen 

I judge
you judge
we judge

ik taxeer
jij taxeert
wij taxeren
» meer vervoegingen van taxeren


Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

You cannot buy that judge.

Deze rechter is niet omkoopbaar.

Don't judge a book by its cover.

Beoordeel iemand niet op zijn uiterlijk.

The judge sentenced him to one year's imprisonment.

De rechter legde hem een jaar gevangenisstraf op.


Gerelateerd aan judge

rule - try - adjudge - adjudicate - critic - appraise - estimate - rate - assay - assess - evaluate - gauge - value