Vertaling van heus

Inhoud:

Nederlands
Engels
heus, echt, waar {bn.}
genuine
true
unfeigned
beleefd, galant, heus, hoffelijk, welgemanierd, wellevend {bn.}
courteous
polite 
well-mannered
echt, eigenlijk, heus, waar, waarachtig {bn.}
true 
genuine 
legitimate 
real 
beleefd, heus, wellevend, attent, hoffelijk, voorkomend, bescheiden {bn.}
knowing
knowledgeable
learned
lettered
well-educated
well-read
werkelijk, bepaald, echt, heus, inderdaad, waarachtig {bw.}
rattling
real
really
very