Vertaling van instellen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
instellen, passend maken, verstellen, afstellen {ww.}
instellen
passend maken
verstellen
afstellen {ww.}

ik zal afstellen
jij zult afstellen
hij/zij/het zal afstellen

ik zal instellen
jij zult instellen
hij/zij/het zal instellen
» meer vervoegingen van instellen

scherp stellen, instellen {ww.}
scherp stellen
instellen {ww.}

ik zal instellen
jij zult instellen
hij/zij/het zal instellen

ik zal instellen
jij zult instellen
hij/zij/het zal instellen
» meer vervoegingen van instellen

instellen {ww.}
instellen {ww.}

ik zal instellen
jij zult instellen
hij/zij/het zal instellen

ik zal instellen
jij zult instellen
hij/zij/het zal instellen
» meer vervoegingen van instellen

rekenen, inbouwen, instellen, incalculeren {ww.}
rekenen
inbouwen
instellen
incalculeren {ww.}

ik zal inbouwen
ik zou inbouwen
jij zult inbouwen

ik zal rekenen
ik zou rekenen
jij zult rekenen
» meer vervoegingen van rekenen

Op hem kan je rekenen.
Op hem kan je rekenen.
Je kan wanneer dan ook op me rekenen.
Je kan wanneer dan ook op me rekenen.
stellen, afstellen, instellen {ww.}
stellen
afstellen
instellen {ww.}

ik zal afstellen
jij zult afstellen
hij/zij/het zal afstellen

ik zal stellen
jij zult stellen
hij/zij/het zal stellen
» meer vervoegingen van stellen

Mag ik een vraag stellen?
Mag ik een vraag stellen?
Ik wil graag een vraag stellen.
Ik wil graag een vraag stellen.
institueren, instellen, oprichten {ww.}
institueren
instellen
oprichten {ww.}

ik zal instellen
jij zult instellen
hij/zij/het zal instellen

ik zal institueren
jij zult institueren
hij/zij/het zal institueren
» meer vervoegingen van institueren

overgaan, overschakelen, invoeren, introduceren, doorvoeren, instellen, implementeren {ww.}
overgaan
overschakelen
invoeren
introduceren
doorvoeren
instellen
implementeren {ww.}

ik zal doorvoeren
ik zou doorvoeren
jij zult doorvoeren

ik zal overgaan
ik zou overgaan
jij zult overgaan
» meer vervoegingen van overgaan