Betekenis van:
live

to live
Werkwoord
pursue a positive and satisfying existence
to live
Werkwoord
lead a certain kind of life; live in a certain style

Hyponiemen

to live
Werkwoord
have firsthand knowledge of states, situations, emotions, or sensations

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to live
Werkwoord
teer smeren op
continue to live through hardship or adversity

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to live
Werkwoord
blijven bestaan, in leven blijven
support oneself

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to live
Werkwoord
verder leven
continue to live through hardship or adversity

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to live
Werkwoord
(nog) functioneren
continue to live through hardship or adversity

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to live
Werkwoord
inhabit or live in; be an inhabitant of

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to live
Werkwoord
wonen in of op; van volk voorzien
inhabit or live in; be an inhabitant of

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to live
Werkwoord
leven van; zich in leven houden
support oneself

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to live
Werkwoord
have life, be alive

Synoniemen

Hyperoniemen

to live
Werkwoord
have life, be alive

Synoniemen

Hyperoniemen

live
Bijvoeglijk naamwoord
highly reverberant
live
Bijvoeglijk naamwoord
charged with an explosive
live
Bijvoeglijk naamwoord
abounding with life and energy
live
Bijvoeglijk naamwoord
in current use or ready for use
live
Bijvoeglijk naamwoord
of current relevance
live
Bijvoeglijk naamwoord
nu relevant
exerting force or containing energy

Hyperoniemen

live
Bijvoeglijk naamwoord
actually being performed at the time of hearing or viewing

Synoniemen

live
Bijvoeglijk naamwoord
capable of erupting

Synoniemen

live
Bijvoeglijk naamwoord
possessing life

Synoniemen

live
Bijvoeglijk naamwoord
charged or energized with electricity

Synoniemen

live
Bijvoeglijk naamwoord
elastic; rebounds readily

Synoniemen

live
Bijwoord
not recorded