Betekenis van:
steady

steady
Bijvoeglijk naamwoord
  • niet te verbuigen; niet flexibel; niet soepel; stug
  • marked by firm determination or resolution; not shakable

Synoniemen

steady
Bijvoeglijk naamwoord
  • maatvast
  • not easily excited or upset
"steady nerves"

Hyperoniemen

steady
Bijvoeglijk naamwoord
    • securely in position; not shaky
    "held the ladder steady"
    steady
    Bijvoeglijk naamwoord
      • not subject to change or variation especially in behavior
      "a steady beat"
      "a steady job"
      steady
      Bijvoeglijk naamwoord
      • maatvast
      • not easily excited or upset
      "steady nerves"

      Hyperoniemen

      steady
      Bijvoeglijk naamwoord
        • relating to a person who does something regularly
        "a steady drinker"

        Synoniemen

        steady
        Bijvoeglijk naamwoord
        • koershoudend
        • not liable to fluctuate or especially to fall

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        to steady
        Werkwoord
          • make steady
          "steady yourself"

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          to steady
          Werkwoord
            • support or hold steady and make steadfast, with or as if with a brace

            Synoniemen

            Hyperoniemen

            Hyponiemen

            steady
            Zelfstandig naamwoord
              • a person loved by another person

              Synoniemen

              Hyperoniemen

              Hyponiemen

              steady
              Bijwoord
                • in a steady manner

                Synoniemen