Betekenis van:
aandoen

aandoen
Werkwoord
  • (kleding) aantrekken
"jas/broek/sokken aandoen"

Hyperoniemen

Hyponiemen

aandoen
Werkwoord
  • kort bezoeken
"havens aandoen"
"iemand aandoen"

Hyperoniemen

aandoen
Werkwoord
  • in werking stellen
"het licht aandoen"

Hyperoniemen

aandoen
Werkwoord
  • (kleren) aantrekken
aandoen
Werkwoord
  • (iemand iets) berokkenen
aandoen
Werkwoord
  • (iets) aantasten
aandoen
Werkwoord
  • (iemand) ontroeren
aandoen
Werkwoord
  • (iemand of iets) bezoeken
aandoen
Werkwoord
  • lampen ontsteken, kachel aansteken
aandoen
Werkwoord
  • ontroeren; ontroeren

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen