Betekenis van:
besturen

besturen
Werkwoord
zorgen dat [een toestel] de gewenste taken uitvoert
"Hij bestuurt de lift via een afstandsbediening."
besturen
Werkwoord
(een voer- of vaartuig) de gewenste richting doen volgen
"een hijskraan besturen"
"een fiets/auto/tram besturen"

Synoniemen

Hyperoniemen

besturen
Werkwoord
leiding geven; leiden; leiden
"het land besturen"
"een vereniging besturen"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

besturen
Werkwoord
het vervullen van regeringstaken over een gebied of organisatie
besturen
Werkwoord
gegevens noteren

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

Werkwoord