Vertaling van born.
I have borne; born
you have borne; born
he/she/it has borne; born
ik heb uitgestaan
jij hebt uitgestaan
hij/zij/het heeft uitgestaan
» meer vervoegingen van uitstaan
I have borne; born
you have borne; born
he/she/it has borne; born
ik heb voortgebracht
jij hebt voortgebracht
hij/zij/het heeft voortgebracht
» meer vervoegingen van voortbrengen
I have borne; born
you have borne; born
he/she/it has borne; born
ik heb uitgehouden
jij hebt uitgehouden
hij/zij/het heeft uitgehouden
» meer vervoegingen van uithouden
I have borne; born
you have borne; born
he/she/it has borne; born
ik heb gedragen
jij hebt gedragen
hij/zij/het heeft gedragen
» meer vervoegingen van dragen
opbrengen
opleveren
afwerpen
I have borne; born
you have borne; born
he/she/it has borne; born
ik heb voortgebracht
jij hebt voortgebracht
hij/zij/het heeft voortgebracht
» meer vervoegingen van voortbrengen
I have borne; born
you have borne; born
he/she/it has borne; born
ik heb geleden
jij hebt geleden
hij/zij/het heeft geleden
» meer vervoegingen van lijden
Voorbeelden in zinsverband
Where was Tom born?
Waar is Tom geboren?
When were you born?
Wanneer zijn jullie geboren?
Where was he born?
Waar is hij geboren?
Where were you born?
Waar ben je geboren?
I was born in America.
Ik ben in Amerika geboren.
Tom was born in Boston.
Tom is in Boston geboren.
I was born in Osaka.
Ik ben geboren in Osaka.
They were born in Thailand.
Zij waren geboren in Thailand.
I was born in Russia.
Ik ben geboren in Rusland.
I was born in Kyoto.
Ik ben in Kyoto geboren.
I was born in 1979.
Ik ben geboren in 1979.
Our baby was born healthy.
Onze baby is gezond geboren.
Molière was born in 1622.
Molière werd geboren in 1622.
He was born in Ohio.
Hij is in Ohio geboren.
I was not born yesterday.
Ik ben niet van gisteren.