Vertaling van pose

Inhoud:

Engels
Nederlands
to pose, to posture, to pass oneself off {ww.}
zitten 
poseren

I pose
you pose
we pose

ik zit
jij zit
wij zitten
» meer vervoegingen van zitten

pose, attitude, posture, stance {zn.}
stand
pose [v]
to attitudinize, to pose, to put on airs, to feign, to affect, to dissemble, to pretend, to sham {ww.}
gelden
heten
doorgaan
zich aanstellen

I pose
you pose
we pose

ik geld
jij geldt
wij gelden
» meer vervoegingen van gelden

to attitudinize, to pose, to put on airs, to feign, to affect, to dissemble, to pretend, to sham {ww.}
zich aanstellen
femelen
kwezelen
huichelen

I pose
you pose
we pose

ik femel
jij femelt
wij femelen
» meer vervoegingen van femelen

to cause, to give rise to, to pose, to provoke, to result in, to inflict, to wreak {ww.}
veroorzaken
teweegbrengen
aanrichten 
stichten 
aandoen

I pose
you pose
we pose

ik veroorzaak
jij veroorzaakt
wij veroorzaken
» meer vervoegingen van veroorzaken

What trouble can she cause?
Welke moeilijkheden kan zij veroorzaken?
I don't want to cause a panic.
Ik wil geen paniek veroorzaken.
affectation, affectedness, mannerism, pose {zn.}
circus [m] (de/het ~)
onnatuurlijkheid [v]
toneelspel
toneel
poppenkasterij
theater [o] (het ~)
kunstenmakerij
komediespel
komedie [v] (de ~)
aanstelleritis [v] (de ~)
aanstellerij  [v] (de ~)
affectation, affectedness, mannerism, pose {zn.}
aanstellerij  [v]
onnatuurlijkheid [v]
maniërisme [o] (het ~)
affectation, affectedness, mannerism, pose {zn.}
aanstellerij  [v]
onnatuurlijkheid [v]
vertoon [o] (het ~)
affectation, pose, mannerism {zn.}
maniertje
aanstellerij  [v]
to model, to pose, to posture, to sit {ww.}
poseren

I pose
you pose
we pose

ik poseer
jij poseert
wij poseren
» meer vervoegingen van poseren

to lay, to place, to pose, to position, to put, to set {ww.}
deponeren
voorleggen
leggen
neerleggen
rusten

I pose
you pose
we pose

ik deponeer
jij deponeert
wij deponeren
» meer vervoegingen van deponeren

to lay, to place, to pose, to position, to put, to set {ww.}
doen
stoppen
steken

I pose
you pose
we pose

ik doe
jij doet
wij doen
» meer vervoegingen van doen

to lay, to place, to pose, to position, to put, to set {ww.}
steken

I pose
you pose
we pose

ik steek
jij steekt
wij steken
» meer vervoegingen van steken

to lay, to place, to pose, to position, to put, to set {ww.}
aanzetten

I pose
you pose
we pose

ik zet aan
jij zet aan
wij zetten aan
» meer vervoegingen van aanzetten

to lay, to place, to pose, to position, to put, to set {ww.}
leggen

I pose
you pose
we pose

ik leg
jij legt
wij leggen
» meer vervoegingen van leggen

to lay, to place, to pose, to position, to put, to set {ww.}
stellen
plaatsen

I pose
you pose
we pose

ik stel
jij stelt
wij stellen
» meer vervoegingen van stellen

to lay, to place, to pose, to position, to put, to set {ww.}
opstellen

I pose
you pose
we pose

ik stel op
jij stelt op
wij stellen op
» meer vervoegingen van opstellen