Vertaling van spring

Inhoud:

Engels
Nederlands
to spring, to well up, to arise, to well {ww.}
voortkomen
opborrelen
ontspringen
opwellen
wellen

I spring
you spring
we spring

ik kom voort
jij komt voort
wij komen voort
» meer vervoegingen van voortkomen

spring {bn.}
lente-
voorjaars-
spring {zn.}
drijfveer [v]
veer  [v]
springveer [v]
to jump, to leap, to spring {ww.}
springen 

I spring
you spring
we spring

ik spring
jij springt
wij springen
» meer vervoegingen van springen

I saw the man jump.
Ik heb de man zien springen.
to come, to derive, to originate, to result, to accrue, to stem, to spring {ww.}
ontspruiten
afstammen 
het gevolg zijn van
voortkomen

I spring
you spring
we spring

ik ontspruit
jij ontspruit
wij ontspruiten
» meer vervoegingen van ontspruiten

to dash, to hurtle, to rush, to surge, to leap, to spring, to shoot forward, to spank {ww.}
voorwaarts stormen
zich werpen op
jump, leap, spring {zn.}
sprong
He didn't jump high enough to win a prize.
Hij sprong niet hoog genoeg om een prijs te winnen.
fountain, source, spring, fount, well, fountain-head, well-spring {zn.}
wel [v]
bron  [v]
welput [m]
Well I never!
Wel nu nog mooier!
Well, stranger things have happened.
Nou, er zijn wel vreemdere dingen gebeurd.

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

Spring is coming.

De lente komt.

After winter, spring comes.

Na de winter komt de lente.

School begins in spring.

School begint in de lente.

It will be spring soon.

De lente komt eraan.

Spring is on the way!

De lente is op weg!

Spring has passed and summer starts.

De lente is voorbij en de zomer begint.

The wedding will take place next spring.

De bruiloft zal in het voorjaar plaatsvinden.

One swallow does not a spring make.

Eén zwaluw maakt de lente niet.

Which do you prefer, spring or autumn?

Wat verkies je, lente of herfst?

I returned to my home this spring.

Ik ben deze lente terug thuisgekomen.

Spring is just around the corner.

Het is bijna lente.

At last, spring has come to this part of Japan.

Eindelijk heeft de lente dit deel van Japan bereikt.

I'm going to work during the spring vacation.

Ik ga werken tijdens de krokusvakantie.

The garden is at its best in spring.

Deze tuin is op zijn mooist in het voorjaar.

As for myself, I like spring very much. I never liked summer.

Ik zelf hou erg van de lente, ik heb nooit van de zomer gehouden.


Gerelateerd aan spring

well up - arise - well - jump - leap - come - derive - originate - result - accrue - stem - dash - hurtle - rush - surge