Vertaling van to fire

Inhoud:

Engels
Nederlands
to fire, to shoot {ww.}
schieten
vuren
paffen

I fire
you fire
we fire

ik schiet
jij schiet
wij schieten
» meer vervoegingen van schieten

He was scared you would shoot him.
Hij was bang dat je op hem ging schieten.
to discharge, to fire, to fire off {ww.}
losbranden
afvuren

I fire
you fire
we fire

ik brand los
jij brandt los
wij branden los
» meer vervoegingen van losbranden

to discharge, to dismiss, to fire, to sack, to oust, to remove, to expel {ww.}
ontzetten
royeren
ontslaan 

I fire
you fire
we fire

ik ontzet
jij ontzet
wij ontzetten
» meer vervoegingen van ontzetten

to fan, to fire, to inspire, to stimulate, to stir up, to urge {ww.}
verlevendigen
aanwakkeren
aanzetten
aanvuren

I fire
you fire
we fire

ik wakker aan
jij wakkert aan
wij wakkeren aan
» meer vervoegingen van aanwakkeren

to cheer, to fire, to inspire, to stimulate {ww.}
aanvuren

I fire
you fire
we fire

ik vuur aan
jij vuurt aan
wij vuren aan
» meer vervoegingen van aanvuren

to elate, to fire {ww.}
in vervoering brengen
to discharge, to dismiss, to fire, to sack, to retrench, to ax, to give the sack {ww.}
afmonsteren
ontslaan 
afdanken 

I fire
you fire
we fire

ik monster af
jij monstert af
wij monsteren af
» meer vervoegingen van afmonsteren

to discharge, to fire, to fire off, to let off {ww.}
afschieten
ontladen

I fire
you fire
we fire

ik schiet af
jij schiet af
wij schieten af
» meer vervoegingen van afschieten



Gerelateerd aan to fire

fire - shoot - discharge - fire off - dismiss - sack - oust - remove - expel - fan - inspire - stimulate - stir up - urge - cheer