Vertaling van vastmaken
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
vaststellen, bevestigen, bepalen, vastmaken, tuigeren, fixeren {ww.}
vaststellen
bevestigen
bepalen
vastmaken
tuigeren
fixeren {ww.}
bevestigen
bepalen
vastmaken
tuigeren
fixeren {ww.}
ik zal bepalen
jij zult bepalen
hij/zij/het zal bepalen
ik zal vaststellen
jij zult vaststellen
hij/zij/het zal vaststellen
» meer vervoegingen van vaststellen
Bedankt voor het bevestigen van mijn vriendschapsverzoek op Facebook.
Bedankt voor het bevestigen van mijn vriendschapsverzoek op Facebook.
De vorige e-mail die ik stuurde was waarschijnlijk niet duidelijk. Je moet niets bevestigen.
De vorige e-mail die ik stuurde was waarschijnlijk niet duidelijk. Je moet niets bevestigen.
bevestigen, verstevigen, vastzetten, vastmaken {ww.}
bevestigen
verstevigen
vastzetten
vastmaken {ww.}
verstevigen
vastzetten
vastmaken {ww.}
ik zal bevestigen
jij zult bevestigen
hij/zij/het zal bevestigen
ik zal bevestigen
jij zult bevestigen
hij/zij/het zal bevestigen
» meer vervoegingen van bevestigen
verbinden, aansluiten, vastmaken, vastbinden, binden {ww.}
verbinden
aansluiten
vastmaken
vastbinden
binden {ww.}
aansluiten
vastmaken
vastbinden
binden {ww.}
ik zal aansluiten
ik zou aansluiten
jij zult aansluiten
ik zal verbinden
ik zou verbinden
jij zult verbinden
» meer vervoegingen van verbinden
Ik zou me graag bij jullie groep aansluiten.
Ik zou me graag bij jullie groep aansluiten.
De nieuwe tunnel zal Brittannië met Frankrijk verbinden.
De nieuwe tunnel zal Brittannië met Frankrijk verbinden.
bevestigen, vastzetten, vastmaken, hechten, vasthechten {ww.}
bevestigen
vastzetten
vastmaken
hechten
vasthechten {ww.}
vastzetten
vastmaken
hechten
vasthechten {ww.}
ik zal bevestigen
jij zult bevestigen
hij/zij/het zal bevestigen
ik zal bevestigen
jij zult bevestigen
hij/zij/het zal bevestigen
» meer vervoegingen van bevestigen