Vertaling van bepalen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
vaststellen, bevestigen, bepalen, vastmaken, tuigeren, fixeren {ww.}
vaststellen
bevestigen
bepalen
vastmaken
tuigeren
fixeren {ww.}

ik bepaal
jij bepaalt
hij/zij/het bepaalt

ik stel vast
jij stelt vast
hij/zij/het stelt vast
» meer vervoegingen van vaststellen

Bedankt voor het bevestigen van mijn vriendschapsverzoek op Facebook.
Bedankt voor het bevestigen van mijn vriendschapsverzoek op Facebook.
De vorige e-mail die ik stuurde was waarschijnlijk niet duidelijk. Je moet niets bevestigen.
De vorige e-mail die ik stuurde was waarschijnlijk niet duidelijk. Je moet niets bevestigen.
bepalen {ww.}
bepalen {ww.}

ik bepaal
jij bepaalt
hij/zij/het bepaalt

ik bepaal
jij bepaalt
hij/zij/het bepaalt
» meer vervoegingen van bepalen

Het is nooit gemakkelijk te bepalen of hij al dan niet serieus is.
Het is nooit gemakkelijk te bepalen of hij al dan niet serieus is.
omschrijven, bepalen, definiëren {ww.}
omschrijven
bepalen
definiëren {ww.}

ik bepaal
jij bepaalt
hij/zij/het bepaalt

ik omschrijf
jij omschrijft
hij/zij/het omschrijft
» meer vervoegingen van omschrijven

Hoe zou jij "gelukkigheid" omschrijven?
Hoe zou jij "gelukkigheid" omschrijven?
vaststellen, bepalen {ww.}
vaststellen
bepalen {ww.}

ik bepaal
jij bepaalt
hij/zij/het bepaalt

ik stel vast
jij stelt vast
hij/zij/het stelt vast
» meer vervoegingen van vaststellen

We zullen eerst de oorzaak van de ramp vaststellen.
We zullen eerst de oorzaak van de ramp vaststellen.
We zouden enkele basisregels moeten vaststellen voor we eraan beginnen.
We zouden enkele basisregels moeten vaststellen voor we eraan beginnen.
keren, bepalen, vervoegen, richten, wenden {ww.}
keren
bepalen
vervoegen
richten
wenden {ww.}

ik bepaal
jij bepaalt
hij/zij/het bepaalt

ik keer
jij keert
hij/zij/het keert
» meer vervoegingen van keren

Londen werd verscheidene keren gebombardeerd.
Londen werd verscheidene keren gebombardeerd.
Het was omdat hij gewond was dat hij besloot terug te keren naar Amerika.
Het was omdat hij gewond was dat hij besloot terug te keren naar Amerika.
stellen, vaststellen, bepalen {ww.}
stellen
vaststellen
bepalen {ww.}

ik bepaal
jij bepaalt
hij/zij/het bepaalt

ik stel
jij stelt
hij/zij/het stelt
» meer vervoegingen van stellen

Mag ik een vraag stellen?
Mag ik een vraag stellen?
Mag ik een paar vragen stellen?
Mag ik een paar vragen stellen?
beslissen, bepalen {ww.}
beslissen
bepalen {ww.}

ik bepaal
jij bepaalt
hij/zij/het bepaalt

ik beslis
jij beslist
hij/zij/het beslist
» meer vervoegingen van beslissen

We vinden het moeilijk om te beslissen welke te kopen.
We vinden het moeilijk om te beslissen welke te kopen.
Maar hoe ga je beslissen wat belangrijk is en wat niet?
Maar hoe ga je beslissen wat belangrijk is en wat niet?
volstaan, bepalen, beperken {ww.}
volstaan
bepalen
beperken {ww.}

ik bepaal
jij bepaalt
hij/zij/het bepaalt

ik volsta
jij volstaat
hij/zij/het volstaat
» meer vervoegingen van volstaan

Duizend yen zal volstaan.
Duizend yen zal volstaan.