Betekenis van:
express

to express
Werkwoord
  • uiten
  • articulate; either verbally or with a cry, shout, or noise
"She expressed her anger"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to express
Werkwoord
  • uitwringen
  • serve as a means for expressing something

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to express
Werkwoord
  • een rondleiding geven
  • give expression to

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to express
Werkwoord
  • verzekeren; betuigen; dank etc. te kennen geven
  • give expression to

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to express
Werkwoord
  • gedachten tonen
  • give expression to

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to express
Werkwoord
    • indicate through a symbol, formula, etc.
    "Can you express this distance in kilometers?"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to express
    Werkwoord
      • manifest the effects of (a gene or genetic trait)
      "Many of the laboratory animals express the trait"

      Hyperoniemen

      to express
      Werkwoord
        • obtain from a substance, as by mechanical action
        "Italians express coffee rather than filter it"

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        to express
        Werkwoord
          • send by rapid transport or special messenger service
          "She expressed the letter to Florida"

          Hyperoniemen

          to express
          Werkwoord
          • uiten
          • articulate; either verbally or with a cry, shout, or noise
          "She expressed her anger"

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to express
          Werkwoord
          • kolven
          • articulate; either verbally or with a cry, shout, or noise
          "She expressed her anger"

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          express
          Zelfstandig naamwoord
          • koerier
          • mail that is distributed by a rapid and efficient system

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          express
          Zelfstandig naamwoord
          • internationale sneltrein
          • rapid transport of goods

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          express
          Zelfstandig naamwoord
          • trein die niet op alle stations stopt; trein die alleen in grote steden stopt
          • rapid transport of goods

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          express
          Zelfstandig naamwoord
          • snelbus
          • public transport consisting of a fast train or bus that makes only a few scheduled stops
          "he caught the express to New York"

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          express
          Zelfstandig naamwoord
          • Benaming voor een medewerker van een transportbedrijf die als taak heeft voertuigen te verplaatsen op de bedrijfsterreinen van zijn werkgever.

          Synoniemen

          express
          Zelfstandig naamwoord
          • spoedbericht
          • mail that is distributed by a rapid and efficient system

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          express
          Zelfstandig naamwoord
          • sneldienst
          • rapid transport of goods

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          express
          Zelfstandig naamwoord
          • expressestuk
          • rapid transport of goods

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          express
          Bijvoeglijk naamwoord
            • not tacit or implied
            "her express wish"
            express
            Bijvoeglijk naamwoord
              • without unnecessary stops
              "an express train"
              "an express shipment"
              express
              Bijwoord
                • by express
                "please send the letter express"