Betekenis van:
fasten

to fasten
Werkwoord
  • (aan een touw, ketting enz.) vastmaken
  • cause to be firmly attached
"fasten the lock onto the door"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to fasten
Werkwoord
  • knopend omdoen
  • make tight or tighter

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to fasten
Werkwoord
  • strak trekken
  • make tight or tighter

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to fasten
Werkwoord
  • vastraken
  • become fixed or fastened
"This dress fastens in the back"

Hyperoniemen

Hyponiemen

to fasten
Werkwoord
    • attach to
    "They fastened various nicknames to each other"

    Hyperoniemen

    to fasten
    Werkwoord
    • aandraaien
    • make tight or tighter

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen