Betekenis van:
get over

to get over
Werkwoord
  • zwemmend oversteken
  • get on top of; deal with successfully

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to get over
Werkwoord
  • onderdrukken
  • get on top of; deal with successfully

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to get over
Werkwoord
  • van mensen en zaken
  • get on top of; deal with successfully

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to get over
Werkwoord
  • zwemmen voor een proef
  • get on top of; deal with successfully

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to get over
Werkwoord
  • een kruis zetten door
  • travel across or pass over

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to get over
Werkwoord
  • te boven komen
  • improve in health

Synoniemen

Hyperoniemen

to get over
Werkwoord
  • over iets heen gaan
  • travel across or pass over

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to get over
Werkwoord
  • over iets heen varen
  • travel across or pass over

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to get over
Werkwoord
  • naar de overkant gaan
  • travel across or pass over

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to get over
Werkwoord
  • over iets heen gaan
  • travel across or pass over

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to get over
Werkwoord
  • in stukken knippen
  • travel across or pass over

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to get over
Werkwoord
    • to bring (a necessary but unpleasant task) to an end

    Hyperoniemen

    to get over
    Werkwoord
    • omrukken
    • improve in health

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    to get over
    Werkwoord
    • langstrekken
    • travel across or pass over

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen