Betekenis van:
land

land (het ~)
Zelfstandig naamwoord
  • bouwland
"[50] hectare land"
"land bebouwen/ontginnen"

Hyperoniemen

land (het ~)
Zelfstandig naamwoord
  • gedeelte van de aarde dat boven water uitsteekt
"land veroveren"
"land winnen"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

land (het ~)
Zelfstandig naamwoord
  • het buiten de steden gelegen land
"stad en land aflopen voor iets"
"op het land"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

land (het ~ | meervoud landen)
Zelfstandig naamwoord
  • gebied dat als een eenheid beschouwd wordt
"het Beloofde Land"
"het land van [Bruegel/wijn en kaas]"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

land
Zelfstandig naamwoord
  • gedeelte van het aardoppervlak dat boven water uitsteekt
land
Zelfstandig naamwoord
  • dat deel van de aardbodem dat geschikt is voor of gebruikt wordt voor bebouwing of landbouw en veeteelt
land
Zelfstandig naamwoord
  • een geografisch gebied aan één bepaald gezag onderworpen
land
Zelfstandig naamwoord
  • niet verstedelijkt gebied
land
Zelfstandig naamwoord
  • het eigen land, het land waar men geboren is

Werkwoord