Betekenis van:
moeten

moeten
Werkwoord
  • schuldig zijn
"hoeveel geld moet ik je?"

Hyperoniemen

moeten
Werkwoord
  • noodzakelijk zijn
"eraan moeten geloven"
"het heeft zo moeten zijn"

Hyperoniemen

moeten
Werkwoord
  • aannemelijk zijn
"vroeger [een mooi meisje] geweest moeten zijn"
"dat moet een misverstand zijn"

Hyperoniemen

moeten
Werkwoord
  • gedwongen zijn
"Ik moet naar de wc."
moeten
Werkwoord
  • nodig, vereist, wenselijk, behoorlijk zijn, overeenkomstig een eis, verzoek, bevel e.d.
"je moet niet zo nieuwsgierig zijn"
"dat moet je nog eens doen!"

Synoniemen

Hyperoniemen

moeten
Werkwoord
  • (iets) tot, als wil hebben
"zij moest en zou [naar Spanje op vakantie]"
"ik moet niks"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

moeten
Werkwoord
  • zich verplicht voelen te
"ik moet om acht uur thuis zijn"
"ik moet er niet aan denken wat het kost"

Synoniemen

Hyperoniemen