Betekenis van:
toepassen

toepassen
Werkwoord
  • hanteren; praktisch
"een wet/regel/principe toepassen"
"een nieuwe techniek/methode toepassen"

Synoniemen

Hyperoniemen

toepassen
Werkwoord
  • in de praktijk brengen
"Voor jullie zal ik met twee maten meten en de regels soepel toepassen."
toepassen
Werkwoord
  • gebruiken.
"Ik ga nu even deze techniek toepassen."
toepassen
Werkwoord
  • gebruiken voor een doel; gebruiken; gebruiken; benutten; gebruik maken van; hanteren
"een wet/regel/principe toepassen"
"een nieuwe techniek/methode toepassen"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen