Betekenis van:
geven

geven
Werkwoord
hinder, narigheid opleveren
"een hoop last geven"
"rompslomp geven"

Hyperoniemen

geven
Werkwoord
voordeel opleveren; overdragen
"winst geven"

Synoniemen

Hyperoniemen

geven
Werkwoord
organiseren
"een feest/partijtje/etentje geven"
"een demonstratie/voorstelling/concert geven"

Hyperoniemen

geven
Werkwoord
in iemands handen plaatsen
"iemand een paperclip geven"

Hyperoniemen

Hyponiemen

geven
Werkwoord
aan iem. doen toekomen zonder tegenprestatie te verlangen
"iemand een cadeau geven"
"iemand je liefde geven"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

geven
Werkwoord
doceren; onderwijzen; onderwijzen; instrueren; onderwijzen
"wiskunde/geschiedenis geven"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

geven
Werkwoord
overdragen van het bezit van iets aan iemand anders

Werkwoord