Vertaling van race

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
race, wedloop {zn.}
race
wedloop {zn.}
Tom won de race.
Tom won de race.
Tom verloor de race.
Tom verloor de race.
race, wedren, wedloop {zn.}
race
wedren
wedloop {zn.}
Hij won de race opnieuw.
Hij won de race opnieuw.
Hij heeft een voorsprong in de race.
Hij heeft een voorsprong in de race.
race [m] (de ~), wedren [m] (de ~), snelheidswedstrijd {zn.}
race [m] (de ~)
wedren [m] (de ~)
snelheidswedstrijd {zn.}
Ze werd gediskwalificeerd van de race wegens twee valse starts.
Ze werd gediskwalificeerd van de race wegens twee valse starts.
rennen, hardlopen, sprinten, snellen, racen, hollen {ww.}
rennen
hardlopen
sprinten
snellen
racen
hollen {ww.}

ik loop hard
jij loopt hard
hij/zij/het loopt hard

ik ren
jij rent
hij/zij/het rent
» meer vervoegingen van rennen

Ik kan rennen.
Ik kan rennen.
Ik kan rennen.
Ik kan rennen.
racen {ww.}
racen {ww.}

ik race
jij racet
hij/zij/het racet

ik race
jij racet
hij/zij/het racet
» meer vervoegingen van racen

racen {ww.}
racen {ww.}

ik race
jij racet
hij/zij/het racet

ik race
jij racet
hij/zij/het racet
» meer vervoegingen van racen

racen, sjezen, crossen, scheuren {ww.}
racen
sjezen
crossen
scheuren {ww.}

ik cross
jij crosst
hij/zij/het crosst

ik race
jij racet
hij/zij/het racet
» meer vervoegingen van racen

racen {ww.}
racen {ww.}

ik race
jij racet
hij/zij/het racet

ik race
jij racet
hij/zij/het racet
» meer vervoegingen van racen

vliegen, ijlen, spoeden, reppen, racen, snellen {ww.}
vliegen
ijlen
spoeden
reppen
racen
snellen {ww.}

ik ijl
jij ijlt
hij/zij/het ijlt

ik vlieg
jij vliegt
hij/zij/het vliegt
» meer vervoegingen van vliegen

De vogels vliegen.
De vogels vliegen.
Deze vogel kan niet vliegen.
Deze vogel kan niet vliegen.


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Nederlands

Tom won de race.

Tom won de race.

Tom verloor de race.

Tom verloor de race.

Hij won de race opnieuw.

Hij won de race opnieuw.

Hij heeft een voorsprong in de race.

Hij heeft een voorsprong in de race.

Ze werd gediskwalificeerd van de race wegens twee valse starts.

Ze werd gediskwalificeerd van de race wegens twee valse starts.

Het is leuk om de race te bekijken.

Het is leuk om de race te bekijken.

Er deden maar vier paarden mee aan de race.

Er deden maar vier paarden mee aan de race.

Onze vriend is als tweede geëindigd in de race.

Onze vriend is als tweede geëindigd in de race.