Vertaling van sleep

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
sleep {zn.}
sleep {zn.}
Tom sleep een potlood.
Tom sleep een potlood.
sleep {zn.}
sleep {zn.}
sleep [m] (de ~) {zn.}
sleep [m] (de ~) {zn.}
wetten, scherpen, aanzetten, slijpen {ww.}
wetten
scherpen
aanzetten
slijpen {ww.}

ik zette aan
jij zette aan
hij/zij/het zette aan

ik wette
jij wette
hij/zij/het wette
» meer vervoegingen van wetten

Mag ik mijn potlood scherpen?
Mag ik mijn potlood scherpen?
We moeten altijd de wetten gehoorzamen.
We moeten altijd de wetten gehoorzamen.
slijpen {ww.}
slijpen {ww.}

ik sleep
jij sleep
hij/zij/het sleep

ik sleep
jij sleep
hij/zij/het sleep
» meer vervoegingen van slijpen

slijpen {ww.}
slijpen {ww.}

ik sleep
jij sleep
hij/zij/het sleep

ik sleep
jij sleep
hij/zij/het sleep
» meer vervoegingen van slijpen

slijpen {ww.}
slijpen {ww.}

ik sleep
jij sleep
hij/zij/het sleep

ik sleep
jij sleep
hij/zij/het sleep
» meer vervoegingen van slijpen

trekken, slepen {ww.}
trekken
slepen {ww.}

ik sleep
jij sleept
hij/zij/het sleept

ik trek
jij trekt
hij/zij/het trekt
» meer vervoegingen van trekken

Mary begon haar kleren uit te trekken.
Mary begon haar kleren uit te trekken.
Weinig olifanten zouden vrijwillig naar Europa trekken.
Weinig olifanten zouden vrijwillig naar Europa trekken.
trekken, slepen {ww.}
trekken
slepen {ww.}

ik sleep
jij sleept
hij/zij/het sleept

ik trek
jij trekt
hij/zij/het trekt
» meer vervoegingen van trekken

Laat de thee tien minuten trekken.
Laat de thee tien minuten trekken.
Mijn hobby is foto's trekken van wilde bloemen.
Mijn hobby is foto's trekken van wilde bloemen.
trekken, voorttrekken, slepen, boegseren {ww.}
trekken
voorttrekken
slepen
boegseren {ww.}

ik boegseer
jij boegseert
hij/zij/het boegseert

ik trek
jij trekt
hij/zij/het trekt
» meer vervoegingen van trekken

We hadden er op gehoopt om deze zomer naar het buitenland te trekken.
We hadden er op gehoopt om deze zomer naar het buitenland te trekken.
volk [o] (het ~), heer, massa [m] (de ~), leger [o] (het ~), menigte [v] (de ~), sleep [m] (de ~), legioen [o] (het ~), heir, stoet [m] (de ~), schare [m] (de ~), myriade, mensenzee, mensenmenigte [v] (de ~), drom [m] (de ~), schaar, legerschaar, horde [m] (de ~), meute [m] (de ~), mensenmassa [m] (de ~) {zn.}
volk [o] (het ~)
heer
massa [m] (de ~)
leger [o] (het ~)
menigte [v] (de ~)
sleep [m] (de ~)
legioen [o] (het ~)
heir
stoet [m] (de ~)
schare [m] (de ~)
myriade
mensenzee
mensenmenigte [v] (de ~)
drom [m] (de ~)
schaar
legerschaar
horde [m] (de ~)
meute [m] (de ~)
mensenmassa [m] (de ~) {zn.}
Beroep op het volk, beroep op de massa
Beroep op het volk, beroep op de massa
Een menigte verzamelde zich in deze straat.
Een menigte verzamelde zich in deze straat.


Gerelateerd aan sleep

wetten - scherpen - aanzetten - slijpen - trekken - slepen - voorttrekken - boegseren - volk - heer - massa - leger - menigte - legioen - heirautomobiel - groep