Betekenis van:
aansluiten

Werkwoord

aansluiten
een verbinding tot stand brengen
"Hij sloot zijn nieuwe computer aan op het netwerk."
aansluiten
''zich ~'': bevestigen wat een eerdere spreker gezegd heeft
"Mag ik mij daarbij aansluiten?"
aansluiten
''zich ~'': bij een groep of organisatie gaan behoren
"Hij sloot zich aan bij de nieuwe politieke partij."
aansluiten
verbinding leggen
"op het telefoonnet aansluiten"
"telefoon/stroom/water aansluiten"

Hyperoniemen

aansluiten
passend maken
"Die tafel sluit niet goed aan bij het aanrecht."
aansluiten
zich bij iem. voegen en in zijn gezelschap blijven
"zich aansluiten bij (een optocht)"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

aansluiten
goedkeuren; instemming getuigen met; standpunt delen; erkennen; onderschrijven
"zich aansluiten bij"
"ik heb mij bij de Bond van Geheelonthouders aangesloten"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

aansluiten
op elkaar volgen