Vertaling van suffering

Inhoud:

Engels
Nederlands
suffering {zn.}
lijden 
leed
suffering {zn.}
lijden 
ailing, suffering {bn.}
lijdend
to abide, to bear, to endure, to put up with, to suffer, to sustain, to ail {ww.}
lijden 
uitstaan
velen
doorstaan
ondergaan
verdragen 
I cannot bear the pain any more.
Ik kan de pijn niet meer uitstaan.
Man is destined to suffer.
De mens is voorbestemd tot lijden.
to pine away, to languish, to suffer {ww.}
verkwijnen
versmachten
wegkwijnen
to abide, to bear, to carry out, to endure, to put up with, to suffer, to stand, to carry away, to afford {ww.}
uithouden
dragen 
naar buiten brengen
verdragen 
I cannot stand this anymore.
Ik kan het niet meer uithouden.
Your research will surely bear fruit.
Je onderzoek zal zeker vruchten dragen.

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

I'm suffering from a bad headache.

Ik heb verschrikkelijke hoofdpijn.

My wife is suffering from pneumonia.

Mijn vrouw lijdt aan een longontsteking.

Tom is suffering from financial stress.

Tom heeft last van financiële stress.

The number of people suffering from heart disease has increased.

Het aantal personen met een hartziekte is toegenomen.

In addition to a blocked nose, I'm also suffering from a high temperature.

Behalve van een verstopte neus, heb ik ook last van verhoging.


Gerelateerd aan suffering

ailing - abide - bear - endure - put up with - suffer - sustain - ail - pine away - languish - carry out - stand - carry away - afford