Vertaling van to take

Inhoud:

Engels
Nederlands
to have a subscription, to subscribe to, to subscribe, to take {ww.}
een abonnement nemen op
een abonnement nemen
zich abonneren op
zich abonneren
abonneren

I take
you take
we take

ik abonneer
jij abonneert
wij abonneren
» meer vervoegingen van abonneren

to lay hold of, to pick up, to take, to get {ww.}
nemen 
vatten 
pakken
oprapen
aanvatten

I take
you take
we take

ik neem
jij neemt
wij nemen
» meer vervoegingen van nemen

You've got to take the bull by the horns!
Je moet de koe bij de horens vatten!
You must take the bull by the horns.
Je moet de koe bij de horens vatten.
to accept, to receive, to accredit, to admit, to take, to take on {ww.}
accepteren 
ontvangen 
aannemen 

I take
you take
we take

ik accepteer
jij accepteert
wij accepteren
» meer vervoegingen van accepteren

We accept checks.
We accepteren cheques.
I will accept his request.
Ik zal zijn verzoek accepteren.
to have a subscription, to subscribe to, to subscribe, to take {ww.}
een abonnement nemen op
een abonnement nemen
zich abonneren op
zich abonneren
abonneren

I take
you take
we take

ik abonneer
jij abonneert
wij abonneren
» meer vervoegingen van abonneren

to abstract, to take away, to remove, to seize, to take {ww.}
wegnemen
afpakken 
weghalen
afnemen 

I take
you take
we take

ik neem weg
jij neemt weg
wij nemen weg
» meer vervoegingen van wegnemen

to occupy, to take, to engage, to fill, to hold, to involve {ww.}
in beslag nemen
bezig houden
beslaan 
bezetten 
bekleden 

I take
you take
we take

ik besla
jij beslaat
wij beslaan
» meer vervoegingen van beslaan



Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

I have to take medicine.

Ik moet medicijnen gebruiken.

There is insufficient light to take pictures.

Het is niet licht genoeg om foto's te nemen.

I need to take a shower.

Ik moet onder de douche.

She refused to take the money.

Ze weigerde het geld te nemen.

Which train are you going to take?

Welke trein gaat ge nemen?

He is quick to take offence.

Hij is snel op zijn tenen getrapt.

I'm going to take a bath.

Ik ga een bad nemen.

She tried to take down every word the teacher said.

Ze probeerde elk woord van de leraar op te schrijven.

Tom, having worked all day, wanted to take a rest.

Tom, die de hele dag gewerkt had, wilde gaan rusten.

You've got to take the bull by the horns!

Je moet de koe bij de horens vatten!

In order to do that, you have to take risks.

Om dat te doen, moet je risico's nemen.

She had to take care of her sister.

Ze moest haar zus verzorgen.

Or do you have to take the bus?

Of moet je de bus nemen?

We haven't decided where to take a rest.

We hebben nog niet beslist waar we gaan rusten.

He said he was going to take a risk.

Hij zei dat hij van plan was een risico te nemen.


Gerelateerd aan to take

have a subscription - subscribe to - subscribe - take - lay hold of - pick up - get - accept - receive - accredit - admit - take on - abstract - take away - removeenrol - furnish