Vertaling van took
een abonnement nemen
zich abonneren op
zich abonneren
abonneren
I took
you took
he/she/it took
ik abonneerde
jij abonneerde
hij/zij/het abonneerde
» meer vervoegingen van abonneren
I took
you took
he/she/it took
ik nam
jij nam
hij/zij/het nam
» meer vervoegingen van nemen
I took
you took
he/she/it took
ik accepteerde
jij accepteerde
hij/zij/het accepteerde
» meer vervoegingen van accepteren
een abonnement nemen
zich abonneren op
zich abonneren
abonneren
I took
you took
he/she/it took
ik abonneerde
jij abonneerde
hij/zij/het abonneerde
» meer vervoegingen van abonneren
I took
you took
he/she/it took
ik nam weg
jij nam weg
hij/zij/het nam weg
» meer vervoegingen van wegnemen
I took
you took
he/she/it took
ik besloeg
jij besloeg
hij/zij/het besloeg
» meer vervoegingen van beslaan
Voorbeelden in zinsverband
Who took the picture?
Wie nam de foto?
Brian took some roses.
Brian nam een paar rozen.
She took her book.
Ze nam haar boek.
The meeting took place yesterday.
De ontmoeting had gisteren plaats.
He took a week off.
Hij heeft een week vrij genomen.
I took the 61 bus.
Ik nam bus 61.
I took the elevator down.
Ik ging naar beneden met de lift.
Tom took his shirt off.
Tom trok zijn shirt uit.
The doctor took my pulse.
De dokter nam mijn pols.
Somebody took away my bag.
Iemand heeft mijn zak weg genomen.
John took a key from his pocket.
John haalde een sleutel uit zijn zak.
I took a picture of her.
Ik heb een foto van haar gemaakt.
He took a picture of the koala.
Hij nam een foto van de koala.
She took a bite of the apple.
Ze nam een hap uit de appel.
I took a picture of my family.
Ik nam een foto van mijn familie.