Betekenis van:
klauwen

klauwen
Werkwoord
  • klauwen gebruiken
"de leeuw klauwde naar alles en iedereen"

Synoniemen

Hyperoniemen

klauwen
Werkwoord
  • krauwen; krabben

Synoniemen

Hyperoniemen

klauwen
Werkwoord
  • ontvreemden; pikken; stelen; jatten; snel wegpakken; jatten; jatten

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

klauwen
Zelfstandig naamwoord
  • elk van beide lichaamsdelen aan de uiteinden van de armen, geschikt om te grijpen en vast te houden

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

klauw (de ~ | meervoud klauwen)
Zelfstandig naamwoord
  • dierenpoot
"de klauwen van een leeuw"

Hyperoniemen

klauw (de ~ | meervoud klauwen)
Zelfstandig naamwoord
  • nagel v.e. dierenpoot
"een klauw krijgen"
"zijn klauwen uit hebben staan"

Hyperoniemen