Betekenis van:
menen

menen
Werkwoord
  • serieus zijn
"dat meen je niet!"
"menen dat [je stopt met werken]"

Hyperoniemen

Hyponiemen

menen
Werkwoord
  • de bedoeling hebben
"Hij meende dat hij hier niet op terug wou komen."
menen
Werkwoord
  • serieus zijn
"Meen je dat nou echt?"
menen
Werkwoord
  • denken, een mening toegedaan zijn
"Hij meent misschien dat hem dit toegestaan is, maar hij vergist zich."
menen
Werkwoord
  • een intentie hebben; voorhebben
"het goed/kwaad met iemand menen"
"het goed menen"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

menen
Werkwoord
  • oordelen; als mening hebben; als mening hebben
"menen dat je ergens spijt van hebt"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen