Betekenis van:
scheppen

scheppen
Werkwoord
  • opvangen
"een emmertje water scheppen"
"zand uit een zandbak scheppen"

Hyperoniemen

scheppen
Werkwoord
  • in het leven roepen
"een band scheppen"
"banen scheppen"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

scheppen
Werkwoord
  • het doen ontstaan uit niets
"In het begin schiep God de hemel en de aarde."
scheppen
Werkwoord
  • een schop geven
"de bal naar iem. scheppen"

Synoniemen

Hyperoniemen

scheppen
Werkwoord
  • op zijn weg tegenhouden, onderweg opvangen
"de bal met de hand scheppen"

Synoniemen

Hyperoniemen

scheppen
Werkwoord
  • omverrijden

Hyperoniemen

Hyponiemen

scheppen
Werkwoord
  • uit een vloeistof of korrelige stof naar boven brengen of verplaatsen

Synoniemen

Hyperoniemen

schep (de ~ | meervoud scheppen)
Zelfstandig naamwoord
  • gereedschap om mee te graven; gereedschap om mee te graven

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

Werkwoord