Vertaling van care

Inhoud:

Engels
Nederlands
to care, to see, to take care, to worry, to be concerned, to be anxious {ww.}
zorgen
zich bekommeren
zorg dragen
bezorgd zijn

I care
you care
we care

ik zorg
jij zorgt
wij zorgen
» meer vervoegingen van zorgen

I will take care of the flowers.
Ik zal voor de bloemen zorgen.
You should take care of your sick mother.
Jullie moeten voor jullie zieke moeder zorgen.
care, concern {zn.}
zorg
zorgvuldigheid [v]
kommer
bekommernis [v]
Take care.
Zorg goed voor jezelf.
His behavior is my primary concern.
Zijn gedrag is mijn belangrijkste zorg.
care {zn.}
verpleging [v]
care, attendance {zn.}
behartiging [v]
to attend, to nurse, to tend to, to care {ww.}
verzorgen
zorgen voor
verplegen

I care
you care
we care

ik verzorg
jij verzorgt
wij verzorgen
» meer vervoegingen van verzorgen

Nurses attend sick people.
Verplegers verzorgen zieken.
She had to take care of her sister.
Ze moest haar zus verzorgen.
to care, to deal, to handle, to manage {ww.}
aankunnen

I care
you care
we care

ik kan aan
jij kan aan
wij kunnen aan
» meer vervoegingen van aankunnen

to care, to give care {ww.}
verzorgen
oppassen

I care
you care
we care

ik verzorg
jij verzorgt
wij verzorgen
» meer vervoegingen van verzorgen

to care, to deal, to handle, to manage {ww.}
zorgen

I care
you care
we care

ik zorg
jij zorgt
wij zorgen
» meer vervoegingen van zorgen

attentiveness, care {zn.}
oplettendheid [v]

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

Take care.

Zorg goed voor jezelf.

Do we care?

Kan het ons wat schelen?

Care for a smoke?

Wilt ge roken?

I know you don't care.

Ik weet dat het je niks kan schelen.

I don't care for beer.

Ik geef niet om bier.

I don't care what he does.

Het is mij gelijk wat hij doet.

Tom doesn't care what other people think.

Het kan Tom niet schelen wat andere mensen denken.

Please take more care in the future.

Wees alsjeblieft meer voorzichtig in de toekomst.

I'll take care of your children tonight.

Ik zal op je kinderen passen vanavond.

I'll take care of the bill.

Ik betaal.

I don't care about my future.

Ik geef niet om mijn toekomst.

She took care of his wound.

Ze verzorgde zijn wond.

Take care not to catch cold.

Let op dat ge niet verkouden wordt.

He does not care for ice cream.

Hij geeft niet om ijs.

I will take care of the flowers.

Ik zal voor de bloemen zorgen.


Gerelateerd aan care

see - take care - worry - be concerned - be anxious - concern - attendance - attend - nurse - tend to - deal - handle - manage - give care - attentivenessequal - aid - bring about - act