Vertaling van deal out

Inhoud:

Engels
Nederlands
to deal, to refer {ww.}
handelen
gaan 

I deal
you deal
we deal

ik handel
jij handelt
wij handelen
» meer vervoegingen van handelen

to deal, to distribute, to administer, to give out, to allocate {ww.}
uitdelen 
uitreiken
rondgeven
ronddelen
verdelen 

I deal
you deal
we deal

ik deel uit
jij deelt uit
wij delen uit
» meer vervoegingen van uitdelen

I'll deal out three to each.
Ik zal er aan elk drie uitdelen.
to handle, to treat, to deal, to address, to process, to deal with {ww.}
behandelen 
onderhandelen

I deal
you deal
we deal

ik behandel
jij behandelt
wij behandelen
» meer vervoegingen van behandelen

Treat a decayed tooth.
Een aangetaste tand/kies behandelen.
to administer, to allot, to deal, to deal out, to dish out, to dispense, to distribute, to dole out, to lot, to mete out, to parcel out, to shell out {ww.}
verkavelen
to administer, to allot, to deal, to deal out, to dish out, to dispense, to distribute, to dole out, to lot, to mete out, to parcel out, to shell out {ww.}
uitdelen

Gerelateerd aan deal out

deal - refer - distribute - administer - give out - allocate - handle - treat - address - process - deal with - allot - dish out - dispense - dole outcarve up - give