Vertaling van found

Inhoud:

Engels
Nederlands
to cast, to found {ww.}
gieten

I found
you found
we found

ik giet
jij giet
wij gieten
» meer vervoegingen van gieten

to erect, to establish, to found, to form {ww.}
stichten 
funderen
baseren 
grondvesten
vestigen 

I found
you found
we found

ik sticht
jij sticht
wij stichten
» meer vervoegingen van stichten

to catch, to hit, to run across, to strike, to attain, to encounter, to find, to score, to run up against {ww.}
halen
inslaan
raken 
teisteren
treffen 

I found
you found
he/she/it found

ik haalde
jij haalde
hij/zij/het haalde
» meer vervoegingen van halen

to invent, to discover, to find, to unearth {ww.}
komen achter
uitvinden 

I found
you found
he/she/it found

ik vond uit
jij vond uit
hij/zij/het vond uit
» meer vervoegingen van uitvinden

to abstract, to gather, to induce, to infer, to conclude, to find {ww.}
afleiden 
besluiten 
concluderen
een gevolgtrekking maken

I found
you found
he/she/it found

ik leidde af
jij leidde af
hij/zij/het leidde af
» meer vervoegingen van afleiden

to find, to notice, to perceive, to discern {ww.}
gewaar worden
merken 
bemerken 
vernemen
waarnemen 

I found
you found
he/she/it found

ik merkte
jij merkte
hij/zij/het merkte
» meer vervoegingen van merken

to find, to locate, to strike, to spot {ww.}
vinden 
bevinden 
treffen 
aantreffen 

I found
you found
he/she/it found

ik vond
jij vond
hij/zij/het vond
» meer vervoegingen van vinden

to establish, to found, to launch, to set up {ww.}
oprichten
institueren
instellen
to constitute, to establish, to found, to institute, to plant {ww.}
stichten
grondvesten
vestigen
to constitute, to establish, to found, to institute, to plant {ww.}
oprichting [v] (de ~)
instelling [v] (de ~)
to base, to establish, to found, to ground {ww.}
afgaan
to base, to establish, to found, to ground {ww.}
fixeren
to base, to establish, to found, to ground {ww.}
uitgaan
vertrekken
baseren

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

We found him alive.

We hebben hem leven gevonden.

I still haven't found anything.

Ik heb nog steeds niets gevonden.

I found the empty box.

Ik heb de lege doos gevonden.

I found the box empty.

Ik heb de doos leeg gevonden.

I found the test difficult.

Ik vond de test lastig.

He was found guilty of murder.

Hij werd schuldig bevonden aan moord.

Have you found your contact lenses?

Hebt ge uw contactlenzen gevonden?

The ring couldn't be found anywhere.

De ring kon nergens gevonden worden.

I found a dollar in the street.

Ik heb een dollar op straat gevonden.

I found that restaurant by accident.

Ik kwam dat restaurant toevallig tegen.

I found it easy to speak English.

Ik vond het makkelijk om Engles te spreken.

The city is found west of London.

Die stad kan je ten westen van Londen vinden.

At last he found out the truth.

Uiteindelijk ontdekte hij de waarheid.

A strange marine creature was found recently.

Er werd onlangs een vreemd zeedier gevonden.

I found out that Kate was wealthy.

Ik kwam erachter dat Kate rijk was.


Gerelateerd aan found

cast - erect - establish - form - catch - hit - run across - strike - attain - encounter - find - score - run up against - invent - discoverbegin - establish - beginning - base - determine - expend