Vertaling van marking

Inhoud:

Engels
Nederlands
perceptible, noticeable, marking, appreciable {bn.}
merkbaar
bemerkbaar
marking {zn.}
markering [v] (de ~)
marking {zn.}
plaatsdekking
positiedekking
to mark, to stamp {ww.}
zijn stempel drukken op
stempelen
afdrukken 
slaan
aanmunten
to keep, to mind, to observe, to comply, to mark, to obey, to respect, to watch, to abide, to abide by {ww.}
waarnemen 
toezien
observeren
toekijken
gadeslaan
to mark, to check {ww.}
tekenen 
merken 
to distinguish, to differentiate, to discern, to discriminate, to mark {ww.}
onderscheiden
onderscheid maken tussen
onderkennen
Reality and fantasy are hard to distinguish.
Realiteit en fantasie zijn moeilijk te onderscheiden.
Can you distinguish her from her sister?
Kunt ge haar onderscheiden van haar zus?
to denote, to mark, to motion {ww.}
tekenen 
kenmerken
merken 
een teken geven
aangeven 
aanduiden 

Gerelateerd aan marking

perceptible - noticeable - appreciable - mark - stamp - keep - mind - observe - comply - obey - respect - watch - abide - abide by - checkindicant - defence