Vertaling van suffered
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik droeg
jij droeg
hij/zij/het droeg
» meer vervoegingen van dragen
versmachten
wegkwijnen
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik verkwijnde
jij verkwijnde
hij/zij/het verkwijnde
» meer vervoegingen van verkwijnen
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik doorstond
jij doorstond
hij/zij/het doorstond
» meer vervoegingen van doorstaan
tobben
kwakkelen
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik sukkelde
jij sukkelde
hij/zij/het sukkelde
» meer vervoegingen van sukkelen
incasseren
verdragen
verduren
velen
harden
gedogen
dulden
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik droeg
jij droeg
hij/zij/het droeg
» meer vervoegingen van dragen
vergaan
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik vrat op
jij vrat op
hij/zij/het vrat op
» meer vervoegingen van opvreten
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik bezeerde
jij bezeerde
hij/zij/het bezeerde
» meer vervoegingen van bezeren
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik kampte
jij kampte
hij/zij/het kampte
» meer vervoegingen van kampen
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik onderging
jij onderging
hij/zij/het onderging
» meer vervoegingen van ondergaan
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik leed
jij leed
hij/zij/het leed
» meer vervoegingen van lijden
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik verdroeg
jij verdroeg
hij/zij/het verdroeg
» meer vervoegingen van verdragen
doormaken
getroosten
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik doorstond
jij doorstond
hij/zij/het doorstond
» meer vervoegingen van doorstaan
afzien
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik leed
jij leed
hij/zij/het leed
» meer vervoegingen van lijden
I suffered
you suffered
he/she/it suffered
ik kreeg
jij kreeg
hij/zij/het kreeg
» meer vervoegingen van krijgen