Betekenis van:
hitch

hitch
Zelfstandig naamwoord
  • touw dat of ketting die om een voorwerp wordt geslagen dat men wil ophijsen
  • a connection between a vehicle and the load that it pulls

Hyperoniemen

hitch
Zelfstandig naamwoord
  • knoop waardoor een touw aan een ander touw of voorwerp wordt vastgemaakt
  • a knot that can be undone by pulling against the strain that holds it; a temporary knot

Hyperoniemen

Hyponiemen

hitch
Zelfstandig naamwoord
  • metalen band of beugel die constructiedelen bijeenhoudt
  • a connection between a vehicle and the load that it pulls

Hyperoniemen

hitch
Zelfstandig naamwoord
  • onzichtbaar gemaakte kuil
  • an unforeseen obstacle

Synoniemen

Hyperoniemen

hitch
Zelfstandig naamwoord
  • fout in het financieel beheer
  • an unforeseen obstacle

Synoniemen

Hyperoniemen

hitch
Zelfstandig naamwoord
    • the uneven manner of walking that results from an injured leg

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    hitch
    Zelfstandig naamwoord
      • a period of time spent in military service

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      hitch
      Zelfstandig naamwoord
        • any obstruction that impedes or is burdensome

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        hitch
        Zelfstandig naamwoord
        • stop
        • the state of inactivity following an interruption

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        to hitch
        Werkwoord
        • gebrekkig lopen
        • walk impeded by some physical limitation or injury

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        to hitch
        Werkwoord
        • proberen een lift te krijgen
        • walk impeded by some physical limitation or injury

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        to hitch
        Werkwoord
        • hinken; mank gaan; kreupel lopen
        • walk impeded by some physical limitation or injury

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        to hitch
        Werkwoord
        • van een paard
        • jump vertically, with legs stiff and back arched

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        to hitch
        Werkwoord
          • connect to a vehicle:
          "hitch the trailer to the car"

          Hyperoniemen

          to hitch
          Werkwoord
            • travel by getting free rides from motorists

            Synoniemen

            Hyperoniemen

            to hitch
            Werkwoord
            • liften
            • to hook or entangle

            Synoniemen

            Hyperoniemen

            Hyponiemen

            to hitch
            Werkwoord
            • meeliften
            • to hook or entangle

            Synoniemen

            Hyperoniemen

            Hyponiemen

            to hitch
            Werkwoord
            • vastkoppelen
            • to hook or entangle

            Synoniemen

            Hyperoniemen

            Hyponiemen

            to hitch
            Werkwoord
            • voorspannen
            • walk impeded by some physical limitation or injury

            Synoniemen

            Hyperoniemen