Vertaling van bring forth

Inhoud:

Engels
Nederlands
to bring, to fetch {ww.}
brengen 
aanbrengen 
bezorgen 
aandragen 

I bring
you bring
we bring

ik breng
jij brengt
wij brengen
» meer vervoegingen van brengen

Wars bring scars.
Oorlogen brengen littekens.
I'll bring one more towel.
Ik zal nog een handdoek brengen.
to bring, to convey, to supply {ww.}
toevoeren
aanvoeren

I bring
you bring
we bring

ik voer toe
jij voert toe
wij voeren toe
» meer vervoegingen van toevoeren

to bring {ww.}
binnenhalen
binnenlaten

I bring
you bring
we bring

ik haal binnen
jij haalt binnen
wij halen binnen
» meer vervoegingen van binnenhalen

to fetch, to get, to pick up, to bring {ww.}
halen
gaan halen

I bring
you bring
we bring

ik haal
jij haalt
wij halen
» meer vervoegingen van halen

to conduct, to guide, to lead, to channel, to wage, to bring, to drive {ww.}
besturen 
brengen 
leiden
geleiden
voeren 

I bring
you bring
we bring

ik bestuur
jij bestuurt
wij besturen
» meer vervoegingen van besturen

to send for, to get, to bring, to fetch {ww.}
betrekken 
halen
laten komen
ontbieden

I bring
you bring
we bring

ik betrek
jij betrekt
wij betrekken
» meer vervoegingen van betrekken

to bring forth, to generate {ww.}
oplepelen
ophoesten
ophikken
to bring forth, to produce {ww.}
voortbrengen
to bring forth, to generate {ww.}
opwekken
to beget, to bring forth, to engender, to father, to generate, to get, to mother, to sire {ww.}
moederen
to beget, to bring forth, to engender, to father, to generate, to get, to mother, to sire {ww.}
verwekken
to beget, to bring forth, to engender, to father, to generate, to get, to mother, to sire {ww.}
verwekken

Gerelateerd aan bring forth

bring - fetch - convey - supply - get - pick up - conduct - guide - lead - channel - wage - drive - send for - generate - producegive - cause - attend - bring forth