Vertaling van gets
he/she/it gets
hij/zij/het brengt
» meer vervoegingen van brengen
he/she/it gets
hij/zij/het wordt
» meer vervoegingen van worden
he/she/it gets
hij/zij/het wordt
» meer vervoegingen van worden
gaan halen
he/she/it gets
hij/zij/het haalt
» meer vervoegingen van halen
he/she/it gets
hij/zij/het schaft aan
» meer vervoegingen van aanschaffen
he/she/it gets
hij/zij/het neemt
» meer vervoegingen van nemen
he/she/it gets
hij/zij/het verkrijgt
» meer vervoegingen van verkrijgen
he/she/it gets
hij/zij/het komt aan
» meer vervoegingen van aankomen
he/she/it gets
hij/zij/het bereikt
» meer vervoegingen van bereiken
he/she/it gets
hij/zij/het krijgt
» meer vervoegingen van krijgen
he/she/it gets
hij/zij/het doet
» meer vervoegingen van doen
he/she/it gets
hij/zij/het schaft aan
» meer vervoegingen van aanschaffen
he/she/it gets
hij/zij/het reikt uit
» meer vervoegingen van uitreiken
he/she/it gets
hij/zij/het geniet
» meer vervoegingen van genieten
he/she/it gets
hij/zij/het betrekt
» meer vervoegingen van betrekken
Voorbeelden in zinsverband
My father gets up early.
Mijn vader staat vroeg op.
He gets a haircut once a month.
Hij knipt zijn haar eens per maand.
That's all the thanks one gets.
Ondank is 's werelds loon.
Tom gets up at six every morning.
Tom staat iedere morgen om zes uur op.
He gets his hair cut once a month.
Hij laat zijn haar eens per maand knippen.