Vertaling van look

Inhoud:

Engels
Nederlands
look, gaze {zn.}
kijk
blik  [m]
aanblik  [m]
Don't look back.
Kijk niet terug.
Look at him.
Kijk naar hem.
to consider, to deem, to look, to regard, to view, to watch, to see {ww.}
kijken 
bekijken 
toekijken
blikken
schouwen
kijken naar
toezien

I look
you look
we look

ik kijk
jij kijkt
wij kijken
» meer vervoegingen van kijken

Let's watch TV.
Laten we TV kijken.
I'd like to watch TV.
Ik zou graag tv kijken.
to appear, to look, to seem, to look like {ww.}
er uitzien
het uiterlijk hebben van
er uitzien als
to look {ww.}
kijken
blikken
loeken

I look
you look
we look

ik kijk
jij kijkt
wij kijken
» meer vervoegingen van kijken

I cannot look at this photo without being reminded of my school days.
Ik kan niet naar deze foto kijken zonder herinnerd te worden aan mijn schooltijd.
to appear, to appear to be, to seem, to look, to act {ww.}
lijken
voorkomen
overkomen
toeschijnen
schijnen
vóórkomen

I look
you look
we look

ik lijk
jij lijkt
wij lijken
» meer vervoegingen van lijken

These two leaves look alike.
Deze twee bladeren lijken op elkaar.
All those flowers look alike.
Deze bloemen lijken allemaal op elkaar.
appearance, aspect, look, sight, view, countenance, guise, respect {zn.}
uiterlijk
aanzien  [o]
verschijning [v]
voorkomen
schijn
aanblik  [m]
air  [o]
vóórkomen
I was surprised by his sudden appearance.
Zijn plotselinge verschijning verraste me.
Mary is obsessed about her appearance.
Mary is geobsedeerd door haar uiterlijk.
behold, here are, here is, look, here you are, now {bw.}
hier 
hierzo
kijk
ziedaar
ziezo
alsjeblieft 
alstublieft 
expression, mien, look, air, appearance {zn.}
uiterlijk
gezicht  [o]
air  [o]
gelaatsuitdrukking [v]
uitzicht
You look so pale.
Je gezicht is bleek.
A look of contentment appeared on his face.
Een voldane blik verscheen op zijn gezicht.
appearance, look, semblance {zn.}
aanzien  [o]
schijn [m]
Not again! Look at those two kissing. They've really got the hots for each other. I can't watch this any more.
Niet opnieuw! Zie hoe die twee elkaar kussen. Ze staan echt in vuur en in vlam voor elkaar. Ik kan dit niet langer aanzien.
to attend, to look, to see, to take care {ww.}
zorgen

I look
you look
we look

ik zorg
jij zorgt
wij zorgen
» meer vervoegingen van zorgen

to await, to expect, to look, to wait {ww.}
verwachten
wachten

I look
you look
we look

ik verwacht
jij verwacht
wij verwachten
» meer vervoegingen van verwachten

to appear, to look, to seem {ww.}
afspiegelen

I look
you look
we look

ik spiegel af
jij spiegelt af
wij spiegelen af
» meer vervoegingen van afspiegelen

to await, to expect, to look, to wait {ww.}
vlassen

I look
you look
we look

ik vlas
jij vlast
wij vlassen
» meer vervoegingen van vlassen

to await, to expect, to look, to wait {ww.}
antichambreren

I look
you look
we look

ik antichambreer
jij antichambreert
wij antichambreren
» meer vervoegingen van antichambreren

to appear, to look, to seem {ww.}
ogen
staan

I look
you look
we look

ik oog
jij oogt
wij ogen
» meer vervoegingen van ogen

to appear, to look, to seem {ww.}
eruitzien
zien
kijken
tonen
ogen

I look
you look
we look

ik zie eruit
jij ziet eruit
wij zien eruit
» meer vervoegingen van eruitzien

to await, to expect, to look, to wait {ww.}
inwachten

I look
you look
we look

ik wacht in
jij wacht in
wij wachten in
» meer vervoegingen van inwachten

to await, to expect, to look, to wait {ww.}
opwachten
verbeiden

I look
you look
we look

ik wacht op
jij wacht op
wij wachten op
» meer vervoegingen van opwachten


Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

Look sharp!

Schiet op!

Don't look back.

Kijk niet terug.

You look bored.

Ge ziet er verveeld uit.

Look at that smoke.

Moet je die rook zien.

You look pale.

Je ziet er bleek uit.

Look at him.

Kijk naar hem.

Look at the picture.

Bekijk de afbeelding.

You look pale today.

Ge ziet er bleek uit vandaag.

Look at me.

Kijk me aan.

You look content.

Je ziet er voldaan uit.

You look so pale.

Je gezicht is bleek.

Look at that building.

Kijk naar dat gebouw.

He had a hungry look.

Hij had een hongerige blik.

Look at that big dog.

Kijk naar die grote hond.

Take a look at this.

Kijk eens naar dit.


Gerelateerd aan look

gaze - consider - deem - regard - view - watch - see - appear - seem - look like - appear to be - act - appearance - aspect - sightsee - aid - bank - account - hanker - wait - appear - be - hold back