Vertaling van stemmen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
stemmen, gelijkstemmen {ww.}
stemmen
gelijkstemmen {ww.}

ik stem gelijk
jij stemt gelijk
hij/zij/het stemt gelijk

ik stem
jij stemt
hij/zij/het stemt
» meer vervoegingen van stemmen

Voor wie ga je stemmen?
Voor wie ga je stemmen?
In de meeste verkiezingen wint de kandidaat met de meerderheid van de stemmen de verkiezing.
In de meeste verkiezingen wint de kandidaat met de meerderheid van de stemmen de verkiezing.
stemmen {ww.}
stemmen {ww.}

ik stem
jij stemt
hij/zij/het stemt

ik stem
jij stemt
hij/zij/het stemt
» meer vervoegingen van stemmen

In alle geval moet men "ja" stemmen in het referendum van 18 februari.
In alle geval moet men "ja" stemmen in het referendum van 18 februari.
Democratie moet meer zijn dan twee wolven en een schaap die stemmen over wat ze 's avonds zullen eten.
Democratie moet meer zijn dan twee wolven en een schaap die stemmen over wat ze 's avonds zullen eten.
stemmen, intoneren {ww.}
stemmen
intoneren {ww.}

ik intoneer
jij intoneert
hij/zij/het intoneert

ik stem
jij stemt
hij/zij/het stemt
» meer vervoegingen van stemmen

stemmen {ww.}
stemmen {ww.}

ik stem
jij stemt
hij/zij/het stemt

ik stem
jij stemt
hij/zij/het stemt
» meer vervoegingen van stemmen

stemmen, afstemmen {ww.}
stemmen
afstemmen {ww.}

ik stem af
jij stemt af
hij/zij/het stemt af

ik stem
jij stemt
hij/zij/het stemt
» meer vervoegingen van stemmen

stemmen, tunen {ww.}
stemmen
tunen {ww.}

ik stem
jij stemt
hij/zij/het stemt

ik stem
jij stemt
hij/zij/het stemt
» meer vervoegingen van stemmen

stemmen, afstemming [v] (de ~), instelling [v] (de ~), afstelling {zn.}
stemmen
afstemming [v] (de ~)
instelling [v] (de ~)
afstelling {zn.}
kiezen, stemmen, balloteren {ww.}
kiezen
stemmen
balloteren {ww.}

ik balloteer
jij balloteert
hij/zij/het balloteert

ik kies
jij kiest
hij/zij/het kiest
» meer vervoegingen van kiezen

Je kon niet kiezen.
Je kon niet kiezen.
Je kon niet kiezen.
Je kon niet kiezen.
partij [v], stem (mv. stemmen), kamp {zn.}
partij [v]
stem (mv. stemmen)
kamp {zn.}
inspraak, stem (mv. stemmen), stemgeluid {zn.}
inspraak
stem (mv. stemmen)
stemgeluid {zn.}
stem (mv. stemmen) [m] (de ~), votum {zn.}
stem (mv. stemmen) [m] (de ~)
votum {zn.}
stem (mv. stemmen), zangpartij {zn.}
stem (mv. stemmen)
zangpartij {zn.}
orgelregister, bourdon, stem (mv. stemmen), register [o] (het ~) {zn.}
orgelregister
bourdon
stem (mv. stemmen)
register [o] (het ~) {zn.}
stem (mv. stemmen) [m] (de ~), stemgeluid [o] (het ~) {zn.}
stem (mv. stemmen) [m] (de ~)
stemgeluid [o] (het ~) {zn.}
spraak [m] (de ~), spraakvermogen [o] (het ~), stem (mv. stemmen) {zn.}
spraak [m] (de ~)
spraakvermogen [o] (het ~)
stem (mv. stemmen) {zn.}
stem (mv. stemmen) {zn.}
stem (mv. stemmen) {zn.}


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Nederlands

Voor wie ga je stemmen?

Voor wie ga je stemmen?

In de meeste verkiezingen wint de kandidaat met de meerderheid van de stemmen de verkiezing.

In de meeste verkiezingen wint de kandidaat met de meerderheid van de stemmen de verkiezing.

In alle geval moet men "ja" stemmen in het referendum van 18 februari.

In alle geval moet men "ja" stemmen in het referendum van 18 februari.

Democratie moet meer zijn dan twee wolven en een schaap die stemmen over wat ze 's avonds zullen eten.

Democratie moet meer zijn dan twee wolven en een schaap die stemmen over wat ze 's avonds zullen eten.

Ze werd slechts een generatie voorbij slavernij geboren; in een tijd toen er geen auto's op de weg reden en geen vliegtuigen in de lucht vlogen; toen iemand als zij om twee redenen niet mocht stemmen - omdat ze een vrouw was en door de kleur van haar huid.

Ze werd slechts een generatie voorbij slavernij geboren; in een tijd toen er geen auto's op de weg reden en geen vliegtuigen in de lucht vlogen; toen iemand als zij om twee redenen niet mocht stemmen - omdat ze een vrouw was en door de kleur van haar huid.