Betekenis van:
machtig

machtig
Bijvoeglijk naamwoord
  • (van spijzen) zwaar op de maag liggend
"een machtige pannenkoek"

Synoniemen

machtig
Bijvoeglijk naamwoord
  • (van personen, volkeren enz.) veel macht hebbend
"een machtige koning/keizer/heerser"
"deze president is zeer machtig"

Synoniemen

Hyperoniemen

machtig
Bijvoeglijk naamwoord
  • meer invloed hebbend dan anderen
"In zijn tijd was Rome heel machtig."
machtig
Bijvoeglijk naamwoord
  • zeer goed vullen
"De groentetaart van gisteravond was mij eigenlijk te machtig."
machtig
Bijvoeglijk naamwoord
  • heel mooi, heel leuk en indrukwekkend
"Dat is echt een machtige achtbaan!"

Werkwoord