Vertaling van espouse

Inhoud:

Engels
Nederlands
to support, to sustain, to countenance, to espouse, to maintain, to uphold, to second, to back, to stand by, to back up {ww.}
steunen
ondersteunen
ruggesteunen
dragen 
schoren
schragen

I espouse
you espouse
we espouse

ik steun
jij steunt
wij steunen
» meer vervoegingen van steunen

I dared to support his opinion.
Ik heb het aangedurfd zijn mening te steunen.
There are merits and demerits to both your opinions so I'm not going to decide right away which to support.
Er kleven voor- en nadelen aan allebei je meningen, ik ga dus niet meteen besluiten welke te ondersteunen.
to adopt, to espouse, to follow {ww.}
adopteren 
aannemen 
zich eigen maken

I espouse
you espouse
we espouse

ik adopteer
jij adopteert
wij adopteren
» meer vervoegingen van adopteren

The couple decided to adopt an orphan.
Het paar besloot een wees te adopteren.
Since they had no children of their own, they decided to adopt a little girl.
Daar zij zelf geen kinderen hadden, besloten ze een klein meisje te adopteren.
to adopt, to embrace, to espouse, to sweep up {ww.}
omstrengelen

I espouse
you espouse
we espouse

ik omstrengel
jij omstrengelt
wij omstrengelen
» meer vervoegingen van omstrengelen

to conjoin, to espouse, to get hitched with, to get married, to hook up with, to marry, to wed {ww.}
trouwen

I espouse
you espouse
we espouse

ik trouw
jij trouwt
wij trouwen
» meer vervoegingen van trouwen

to conjoin, to espouse, to get hitched with, to get married, to hook up with, to marry, to wed {ww.}
uithuwelijken

I espouse
you espouse
we espouse

ik huwelijk uit
jij huwelijkt uit
wij huwelijken uit
» meer vervoegingen van uithuwelijken

to adopt, to embrace, to espouse, to sweep up {ww.}
omhelzen

I espouse
you espouse
we espouse

ik omhels
jij omhelst
wij omhelzen
» meer vervoegingen van omhelzen

to adopt, to embrace, to espouse, to sweep up {ww.}
omarmen
omhelzen

I espouse
you espouse
we espouse

ik omarm
jij omarmt
wij omarmen
» meer vervoegingen van omarmen

to adopt, to embrace, to espouse, to sweep up {ww.}
opvegen

I espouse
you espouse
we espouse

ik veeg op
jij veegt op
wij vegen op
» meer vervoegingen van opvegen

to adopt, to embrace, to espouse, to sweep up {ww.}
aanvegen

I espouse
you espouse
we espouse

ik veeg aan
jij veegt aan
wij vegen aan
» meer vervoegingen van aanvegen

to conjoin, to espouse, to get hitched with, to get married, to hook up with, to marry, to wed {ww.}
trouwen
huwen

I espouse
you espouse
we espouse

ik trouw
jij trouwt
wij trouwen
» meer vervoegingen van trouwen

She decided to get married to Tom.
Ze besloot met Tom te trouwen.
Will you marry me?
Wil je met me trouwen?

Gerelateerd aan espouse

support - sustain - countenance - maintain - uphold - second - back - stand by - back up - adopt - follow - embrace - sweep up - conjoin - get hitched withbosom - pledge - distribute - accept - broom - remove