Vertaling van blow

Inhoud:

Engels
Nederlands
to blow {ww.}
blazen
waaien

I blow
you blow
we blow

ik blaas
jij blaast
wij blazen
» meer vervoegingen van blazen

to blow {ww.}
waaien

they blow

zij waaien
» meer vervoegingen van waaien

blow, hit, strike, whack, stroke {zn.}
mep
houw
flap [m]
klap
slag  [m]
to botch, to bungle, to screw up, to spoil, to blow, to blunder, to flub, to ball {ww.}
beunhazen
verknoeien
knoeien
verhaspelen
modderen
verprutsen

I blow
you blow
we blow

ik beunhaas
jij beunhaast
wij beunhazen
» meer vervoegingen van beunhazen

to fan, to blow {ww.}
aanblazen 

I blow
you blow
we blow

ik blaas aan
jij blaast aan
wij blazen aan
» meer vervoegingen van aanblazen

knock, blow, hit, smack, strike, stroke {zn.}
klap
tik
klets
slag  [m]
klop
veeg

Gerelateerd aan blow

hit - strike - whack - stroke - botch - bungle - screw up - spoil - blunder - flub - ball - fan - knock - smack